Waarom klinken dialogen in films zo zacht?

Als je midden in de film zit, heeft iemand vast wel eens tussendoor gevraagd: “Wat zei hij nou?” Die vraag wordt regelmatig gesteld tijdens filmavondjes, want veel mensen hebben soms moeite om acteurs en actrices in films te verstaan. Waar ondertiteling vroeger vooral handig was om de teksten te begrijpen, lijkt het nu bijna onmisbaar. Zélfs bij Engelstalige titels. En nee, dat ligt echt niet aan je gehoor. Films zijn tegenwoordig namelijk lastiger te verstaan, doordat dialogen in films soms heel zacht klinken.

Geluid wordt anders opgenomen dan vroeger

In oudere films moesten acteurs duidelijk en hard genoeg spreken, omdat de techniek niet toereikend was toen. Microfoons stonden namelijk op vaste plekken en ieder woord moest verstaanbaar zijn. Anders ging de tekst al snel verloren. Maar goed, dat was vroeger. Hoe zit het nu?

Acteurs dragen tegenwoordig hele kleine microfoontjes en dat geluid kan later tot in detail worden bewerkt. Klinkt superhandig, maar het heeft ook een keerzijde. Doordat alles zo subtiel wordt opgenomen, hoor je meer gefluister, gemompel en ‘natuurlijk’ gepraat. Dat voelt een stuk realistischer, maar daardoor is het soms ook lastiger te volgen. Zéker als je ook nog tussendoor zit te rommelen in een zak popcorn terwijl je op de bank ligt.

▼ scroll verder ▼

Bewust films die zacht klinken

Daarnaast kiezen regisseurs steeds vaker bewust voor een bepaalde geluidsbeleving. Het geluid moet onderdeel zijn van de sfeer, dus verstaanbaarheid staat simpelweg niet meer zo hoog op de prioriteitenlijst. Zo heeft regisseur Christopher Nolan al meerdere keren aangegeven geen concessies te willen doen aan hoe zijn films klinken, hoe zacht dat ook is.

Het draait voor hem juist meer om de goede beleving. Harde muziek, subtiele dialogen en grote contrasten horen daar nou eenmaal bij. Het resultaat is een film die in de bioscoop indrukwekkend aanvoelt, maar thuis op de bank een stukje minder. Dan kan de ondertiteling echt niet meer missen, want het geluid van de stemmen is simpelweg te zacht om het goed te verstaan.

Films zijn gemaakt voor de bioscoop, niet voor je tv

Veel films worden dus nog steeds ontworpen met maar één setting in gedachten: de bioscoop. Grote zalen, enorme speakers en een geluidssysteem dat ervoor zorgt dat elk detail klopt. Het werkt al zo sinds de eerste grote filmproducties. En daar is al die jaren dus niks aan veranderd.

Het probleem is dat we die films nu vooral kijken op laptops, tablets of dunne flatscreens. Die zijn simpelweg niet gebouwd om dat complexe geluid goed weer te geven. Wat in de bioscoop fantastisch klinkt, wordt thuis al snel een rommelige mix van muziek, achtergrondgeluid en onduidelijke stemmen.

Kunnen stemmen niet gewoon harder?

Misschien denk je nu wel: waarom zetten ze de stemmen dan niet gewoon harder? We snappen de gedachte, maar zo werkt dat helaas niet. Films spelen namelijk met contrast. Als een explosie net zo hard klinkt als een dialoog, voelt dat onnatuurlijk en verliest het zijn impact.

Daarnaast hebben moderne tv’s vaak veel slechtere speakers dan de lompe televisies met kont van vroeger. Helaas betekent een dun scherm ook minder goed geluid. Investeren in een soundbar of extern geluidsysteem kan daarin echt een groot verschil maken. En tot die tijd is het dan toch het beste om de ondertiteling aan te laten. Niet getreurd: je bent zeker niet de enige.

Lees ook: Nederlandse dramafilm uit 2025 staat metéén op 1 in Netflix Top 10