Waarom je spijt krijgt van beslissingen waar je het langst over nadenkt
We zijn opgevoed met het idee dat je goed moet nadenken over belangrijke keuzes. Dat betekent de tijd nemen om goed na te denken over beslissingen. Verder alles afwegen en misschien zelfs lijstjes maken met voor-en nadelen. Klinkt logisch, maar is dat altijd zo? Dat valt misschien een beetje tegen. Juist beslissingen waar we het langst over nadenken, zorgen voor spijt achteraf.
Meer nadenken over beslissingen betekent niet per se minder spijt
Eigenlijk hebben we een heel bijzonder brein. We zijn heel goed in het bedenken van alternatieve scenario’s. Wat als je bijvoorbeeld die andere baan had gekozen? Of dat andere huis? Hoe langer je nadenkt over dit soort keuzes, hoe levendiger die ‘wat als’-momenten worden. Het gaat bijna echt aanvoelen, omdat je jezelf al voor je kunt zien in een ander leven. Een leven met andere kansen en andere uitkomsten.
Daar zit eigenlijk het grootste probleem. Zodra je een keuze maakt, kan er maar één realiteit bestaan. Die realiteit van de keuze die je hebt gemaakt dus. Maar de rest van de scenario’s die jij allemaal hebt afgespeeld in je hoofd, zullen niet zomaar ineens verdwijnen. Ze blijven rondspoken in je hoofd. Psychologen noemen dat ook wel de counterfactuals: alternatieve realiteiten die nooit gebeurd zijn, maar die je brein wel blijft herkauwen.
Hoe meer je vooraf nadenkt over de verschillende opties, hoe sterker die blijven hangen. Dan denk je later, na het maken van de beslissing snel: ‘had ik maar’. Dan ontstaat er spijt na bepaalde beslissingen, omdat elke keuze die je maakt automatisch betekent dat je andere opties opgeeft. Als je mentaal veel tijd hebt geïnvesteerd in andere opties, voelt het toch alsof je iets waardevols bent kwijtgeraakt.
Waarom voelen snelle beslissingen soms beter?
Snellere beslissingen voelen vaak meer als jouw eigen beslissing. Niet gek, want ze komen direct voort uit gevoel, intuïtie en identiteit. Je bent meer bezig met wat past bij jou als persoon. Daardoor voelt het minder als een compromis. Als je lang twijfelt, blijf je emotioneel gehecht aan alle opties – zelfs nadat je hebt gekozen. Zodra het dan even tegenzit, denk je meteen: zie je wel, die andere opties waren beter.
Onderzoek wijst uit dat commitment heel belangrijk is bij het maken van beslissingen. Nog belangrijker dan zekerheid. Je hoeft niet helemaal zeker te zijn van je keuze, maar je moet wel bereid zijn om helemaal achter je eigen keuze te gaan staan. Anders ligt spijt over je beslissingen op de loer.
In welke gevallen is lang nadenken wel slim?
Dit betekent natuurlijk niet meteen dat je alles snel moet beslissen. Impulsieve beslissingen zijn echt niet altijd de beste. Sommige beslissingen vragen namelijk om wat meer tijd. Denk bijvoorbeeld aan medische keuzes, financiële investeringen of dingen die niet zo makkelijk terug te draaien zijn.
Maar bij subjectieve keuzes zoals relaties, carrière en woonplaats bestaat er meer dan één goede optie. En hoe langer je zoekt naar de perfecte keuze, hoe meer alternatieven je voor jezelf creëert. Die alternatieven voeden later de spijt, die je wilde voorkomen.
Zó voorkom je spijt van je beslissingen
Wil je achteraf spijt voorkomen? Dan hebben we een paar praktische tips voor je. Om te beginnen is het belangrijk om een deadline voor jezelf te stellen. Zo kun je er niet te lang over nadenken. Verder moet je je opties beperken tot maximaal drie. Hoe meer opties, hoe meer spijt achteraf. Stop daarnaast met nadenken en research zodra je een keuze hebt gemaakt. Het is dan het beste om niet langer te evalueren, maar gewoon achter je keuze te staan. Blijf niet malen over of dit de beste keuze was, maar accepteer gewoon dat dit de keuze is die je gemaakt hebt. En daar moet je het dus mee doen!
Lees ook: Hoe erg keuzestress ons leven beïnvloed
Bron: Psychology Today