Voormalig voorzitter van Utrecht Pride over homohaat: ‘Nog steeds 16-jarigen die spugen en roepen’
Scrol je door je feed en zie je de ene na de andere heftige video over homohaat voorbijkomen? Supporters die regenboogvlaggen weghalen op TikTok of heftige uitgaansverhalen op Insta: het onderwerp is helaas actueler dan ooit op onze tijdlijn. Maar hoe zit dat nu écht in de praktijk? Om te begrijpen waar die toenemende haat vandaan komt, spraken we met Robbert Kalff, voormalig voorzitter van Utrecht Pride. Volgens hem spelen social media, onzekerheid en een gebrek aan controle bij jongeren een gigantische rol en daar moet verandering in komen.
Robbert Kalff over homohaat
We hebben de video waarschijnlijk allemaal voorbij zien komen op social media: volgens onderzoek van de Universiteit Utrecht en het Trimbosinstituut is gebleken dat vorig jaar nog maar 22 procent van de puberjongens homo’s accepteerde. Bij meisjes daalde de acceptatie ook: dat ging van 78 naar 51 procent. Dit zijn natuurlijk schrikbarende cijfers en daarom gingen wij in gesprek met voormalig voorzitter van Utrecht Pride: Robbert Kalff.
‘Stoer doen’ op een brommertje: de zoektocht naar erbij horen
In de media verschijnen regelmatig beelden van jongeren die grenzen opzoeken en overschrijden. Uitschelden, fysiek geweld en irritante tienerjongens die op hun brommer langs een gaybar rijden om wat naars te roepen of te spugen: volgens Robbert Kalff gebeurt het nog dagelijks. We moeten de oorzaak hiervan grotendeels zoeken in de kwetsbaarste fase van het opgroeien. Tieners tussen de 12 en 20 jaar zitten midden in hun puberteit en worstelen met onzekerheid. Ze zoeken wanhopig naar een identiteit én een groep om bij te horen.
Als er in hun leefwereld of online feed een machocultuur heerst waarin het ‘cool’ of ‘stoer’ is om je af te zetten tegen de community, nemen ze dat gedrag binnen no-time over. Niet per se uit diepgewortelde haat, maar puur om maar niet buiten de boot te vallen.
Online haat zonder consequenties
“Wat het probleem in deze tijd extra hardnekkig maakt, is de impact van internet. Vroeger speelde de sociale controle zich af op straat of in de buurt. Als iemand iets naars riep, werd diegene daar door ouders of buren op aangesproken. Tegenwoordig bewegen jongeren zich semi-anoniem op platforms waar influencers en algoritmes haatdragende content versterken,” benoemt Kalff.
“Omdat er op social media nauwelijks wordt gehandhaafd of gecorrigeerd, ontstaat bij jongeren het idee dat het plaatsen van nare opmerkingen geen consequenties heeft.” Die online verharding verhuist vervolgens pijnlijk snel door naar de realiteit op straat. Dat het ‘normaal’ wordt gevonden om ertegenin te gaan, is volgens Kalff dan ook een van de gevaarlijkste trends van dit moment.
Straatintimidatie: is het nou écht erger geworden?
Hoewel je door social media het gevoel kunt krijgen dat de straat ineens veranderd is in een woestijn van haat, nuanceert de oud-Pride-voorzitter dat beeld. “Intimidatie en nare opmerkingen op straat zijn helaas van alle tijden. In de jaren tachtig was de situatie op straat niet veel beter. Alleen haalde het toen simpelweg het nieuws niet en waren er geen smartphones om het vast te leggen.”
Nu staat elk incident direct online. Dat is aan de ene kant goed voor de bewustwording, maar het maakt ook pijnlijk zichtbaar hoe de antipathie vanuit verschillende hoeken, van machocultuur tot geloof, gevoed blijft worden.
Waarom tegengas onmisbaar blijft
Hoe zorgen we dat de situatie keert? Het antwoord ligt volgens Kalff niet bij het proberen opvoeden van een willekeurige puber die op straat iets naar je hoofd slingert, maar bij educatie en échte rolmodellen. Dappere docenten en directeuren die op scholen initiatieven zoals Paarse Vrijdag organiseren en het gesprek durven aan te gaan, moeten we op een voetstuk plaatsen.
School is namelijk de plek waar jongeren op een normale manier in aanraking moeten komen met diversiteit, vóórdat ze de kans krijgen om te verharden. Want zonder continu tegengas vanuit de maatschappij, blijft de luidste en hardste stem helaas winnen.
Echte verandering begint dus bij ons allemaal. Gewoon ‘niks tegen homo’s hebben’ is niet meer genoeg. We moeten ons actief uitspreken zodra vrienden, familie of collega’s ‘grapjes’ maken. Want door samen een duidelijke grens te trekken, zorgen we ervoor dat liefde en jezelf kunnen zijn weer de enige echte standaard worden.
Lees ook: Vriendschap tussen man en vrouw? Déze BN’er vindt het een no-go